Kinesthetisch

Bij de kinesthetische modaliteit (afgekort tot K) draait om alles wat we voelen. Mensen met een kinesthetisch voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets voelt en vinden het belangrijk een goed gevoel te hebben bij wat ze doen.

Gedrag

In hun gedrag kenmerken ze zich vaak door wat langzamer praten, door lage gebaren rondom de buikstreek en het gebruik van kinesthetische predicaten.

Predicaten

Voorbeelden van kinesthetische predicaten zijn:

  • Voelen
  • Gevoel
  • Indruk
  • Iets in de vingers hebben

Submodaliteiten

Kinesthetische Submodaliteiten zijn bijvoorbeeld:

Het auditief digitale (afgekort Ad) systeem draait om radio, het is de interne dialoog die je met jezelf kan hebben. Mensen met een auditief digitaal voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk dat wat je verteld logisch is en goed in elkaar zit.

Bij de auditief tonale modaliteit (afgekort At) draait om alles wat we horen. Mensen met een auditief tonaal voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets klinkt en houden vaak van muziek.

Gedrag is alles wat je van iemand aan de buitenkant kan waarnemen, wat je als het ware met een camera zou kunnen vastleggen. We komen gedrag onder andere tegen als het één na laagste niveau van de Neurlogische Niveaus.

Bij de gustatoire modaliteit (afgekort tot G) draait om alles wat we proeven. Het komt bijna niet voor als voorkeur representatiesysteem. Daarom wordt het ook vaak samengevoegd met het kinethetische systeem.

De modaliteiten zijn onze zintuigen, de manier waarop we de wereld om ons heen kunnen waarnemen. We hebben het dan over zien, horen, voelen, ruiken en proeven. In NLP gebruiken we daar de termen Visueel, Auditief tonaal, Kinesthetisch, Olfactoir en Gustatoir voor. Gezamenlijk worden ze vaak als de afkorting VAKOG genoemd.

Bij de olfactoire modalitet (afgekort tot O) draait om alles wat we ruiken. Het komt bijna niet voor als voorkeur representatiesysteem. Daarom wordt het ook vaak samengevoegd met het kinethetische systeem.

Predicaten zijn woorden die passen bij een specifiek representatie systeem. Als je bekend bent met de voorkeur van je gesprekspartner dan kan je de impact van je communicatie vergroten door predicaten te gebruiken die passen bij die voorkeur.

Iets wat je door heel NLP veel terug vind zijn de representatie systemen. De representatie systemen, ook wel modaliteiten genoemd, zijn in de basis je zintuigen. Je ziet, hoort, voelt, ruikt en proeft. In NLP termen hebben we het dan over Visueel, Auditief tonaal, Kinesthetisch, Olfactoir en Gustatoir. Gezamenlijk worden ze vaak als de afkorting VAKOG genoemd.

Submodaliteiten zijn, zoals de naam misschien al doet vermoeden, een verdere verfijning van de modaliteiten. In de praktijk kom je ze overal tegen en zitten ze bijna overal onder.

Bij de visuele modaliteit (afgekort tot V) draait om alles wat we zien. Mensen met een visueel voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets er uit ziet en vinden het belangrijk om er zelf goed verzorgd uit te zien.