Submodaliteiten

Submodaliteiten zijn, zoals de naam misschien al doet vermoeden, een verdere verfijning van de modaliteiten. In de praktijk kom je ze overal tegen en zitten ze bijna overal onder.

Daar waar de modaliteiten vaak de structuur bepalen, dus zien, horen, voelen, ruiken of proeven, zorgen de submodaliteiten voor de intensiteit. De intensiteit bepaalt hoe belangrijk of aantrekkelijk iets is voor je. Dat kan bijvoorbeeld een overtuiging zijn of een waarde.

Wil je iets minder belangrijk maken, bijvoorbeeld je angst voor spinnen of een overtuiging die je niet helpt, dan geef je die submodaliteiten die maken dat de intensiteit afneemt. Bijvoorbeeld door het klein te maken en ver weg te zetten.

Wil je iets juist heel belangrijk maken, bijvoorbeeld een doel wat je graag wil halen of een helpende overtuiging die je graag wil hebben, dan geef je die submodaliteiten die het erg aantrekkelijk en itens maakt. Bijvoorbeeld door het groot te maken, mooie kleuren te geven en dichtbij neer te zetten.

Meestal werken we met Visuele, Auditief Tonale of Kinestherische submodaliteiten. Vaak is er ook één submodaliteit die het meeste effect heeft, dat noemen we de driver. De driver kan per persoon verschillen.

Heb je je wel eens afgevraagd hoe je dat eigenlijk doet, iets nieuws leren? Eigenlijk is het raar dat zoiets op scholen nauwelijks aandacht krijgt. Het 4-staps leerproces geeft je inzicht in de stappen die we allemaal doorlopen als we iets nieuws leren.

Bij de auditief tonale modaliteit (afgekort At) draait om alles wat we horen. Mensen met een auditief tonaal voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets klinkt en houden vaak van muziek.

De basis vooronderstellingen zijn 4 uitgangspunten waarop NLP verder gebouwd is. De NLP vooronderstellingen bouwen hier verder op door.

Herkaderen is één van de simpelste technieken uit NLP. Met herkaderen ga je op een andere, vaak positievere, manier kijken naar gedrag of een gebeurtenis.

De Hiërarchie van Ideeën geeft je inzicht het niveau van abstractie of details van jouw communicatie.

Bij de kinesthetische modaliteit (afgekort tot K) draait om alles wat we voelen. Mensen met een kinesthetisch voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets voelt en vinden het belangrijk een goed gevoel te hebben bij wat ze doen.

Meta-Programma's zijn onbewuste filters. Het zijn filters die horen bij je karakter en bepalen hoe je handelt. Voor alle Meta-Programma's geld dat iedereen een voorkeur heeft, het is je uitgangspunt wat je het minste energie kost. Met wat meer moeite en oefening is het mogelijk ook de andere mogelijkheden in te zetten. Welke Meta-Programma's je inzet is vaak ook context afhankelijk.

Het Miltonmodel is gemaakt door Richard Bandler en John Grinder nadat ze Milton Erickson bestudeerd hadden. Het omvat enkele taalpatronen waarbij je opzettelijk vaag en abstracte taal gaat gebruiken. Hierdoor geeft iedereen zijn eigen invulling aan wat je verteld.

De modaliteiten zijn onze zintuigen, de manier waarop we de wereld om ons heen kunnen waarnemen. We hebben het dan over zien, horen, voelen, ruiken en proeven. In NLP gebruiken we daar de termen Visueel, Auditief tonaal, Kinesthetisch, Olfactoir en Gustatoir voor. Gezamenlijk worden ze vaak als de afkorting VAKOG genoemd.

De model van de Neurologische Niveaus, soms ook de Logische Niveaus genoemd, is in de jaren '90 ontwikkeld door Robert Dilts. Het bestaat uit 6 niveaus die inzicht geven in communicatie, verandering en gedrag.

Je hebt vast wel eens gezien dat iemand snelle oogbewegingen maakt als je een vraag stelt. Die oogbewegingen lijken misschien willekeurig, dat zijn ze niet. Ze hebben betrekking op hoe je toegang krijgt tot intern opgeslagen informatie.

Overtuigingen zijn de dingen die voor jou waar zijn. De kernwoorden hierin zijn "voor jou", ze hoeven niet per definitie overeen te komen met de waarheid van iemand anders of met een objectieve waarheid.

Rapport is één van de belangrijkste concepten in NLP, mogelijk ben je de term daar buiten ook al tegen gekomen. Rapport is de "Klik" die je met een gesprekspartner kan ervaren, dat gevoel dat je iemand al langer kent terwijl je die net ontmoet hebt.

Iets wat je door heel NLP veel terug vind zijn de representatie systemen. De representatie systemen, ook wel modaliteiten genoemd, zijn in de basis je zintuigen. Je ziet, hoort, voelt, ruikt en proeft. In NLP termen hebben we het dan over Visueel, Auditief tonaal, Kinesthetisch, Olfactoir en Gustatoir. Gezamenlijk worden ze vaak als de afkorting VAKOG genoemd.

Heb jij je wel eens afgevraagd hoe iemand iets doet waar die persoon heel goed in is? En zou je een makkelijke manier willen leren hoe je je dat eigen zou kunnen maken? Of zou je willen ontdekken hoe jij de dingen doet waar je zelf goed in bent? Dan bevind je je op het terrein van de strategieën.

Bij de visuele modaliteit (afgekort tot V) draait om alles wat we zien. Mensen met een visueel voorkeur representatiesysteem vinden het vaak belangrijk hoe iets er uit ziet en vinden het belangrijk om er zelf goed verzorgd uit te zien.

De NLP Vooronderstellingen zijn een aantal inzichten die verzameld zijn van alle succesvolle personen die onderzocht zijn om uiteindelijk tot NLP als methodiek te komen. Het zijn de overtuigingen van NLP en bouwen voort op de basis vooronderstellingen.

Waarden zijn de dingen die je belangrijk vindt. Je gebruikt ze om vooraf keuzes te maken en achteraf om het resultaat te evalueren.

Om een situaite zo goed mogelijk te kunnen beoordelen is het belangrijk om deze vanuit minimaal drie verschillende invalshoeken te benaderen. Die stelling van Gregory Bateson vormt de basis van de Waaneemposities.

Bij zintuiglijke scherpzinnigheid gaat het om zo veel mogelijk en exact mogelijk waar te nemen. Als je met iemand in gesprek bent laat die vaak kleine veranderingen in z'n gezichtsuitdrukking of lichaamstaal zien, het waarnemen van deze kleine veranderingen maakt het mogelijk beter met de ander in contact te komen.